Muziek, inspiratie…of de rode draad door het leven

Wat zegt jouw lijflied over wat je hebt gedragen? Over rouw, muziek en hoe luisteren naar je lijf soms de eerste stap richting heling is.

Wat zegt jouw lijflied over wat je hebt gedragen? Over rouw, muziek en hoe luisteren naar je lijf soms de eerste stap richting heling is.

Soms voelt het leven als een stilstaand moment. Alsof je midden op een kruispunt bent blijven staan, niet omdat je niet weet welke kant je op wilt, maar omdat elke richting te veel lijkt te vragen. De angst om verkeerd te kiezen kan dan alles overnemen. Niet luid, niet dramatisch, maar sluipend. Ze nestelt zich in je lijf. In je adem die oppervlakkiger wordt. In je schouders die zich onbewust optrekken. In het gevoel dat elke beweging te groot is.

In rouw wordt die angst zwaarder. Rouw is niet alleen verdriet om wat je bent kwijtgeraakt, het is ook het wegvallen van houvast. Van vanzelfsprekendheid. Van het vertrouwen dat je wist hoe het leven werkte. Wat ooit logisch voelde, voelt ineens vreemd. Zelfs kleine keuzes kunnen aanvoelen alsof ze alles bepalen. En dus blijf je. Je wacht. Je houdt vast aan wat je kent, ook als het pijn doet, omdat het onbekende nog pijnlijker lijkt.

Dat blijven is geen zwakte. Het is een overlevingsmechanisme. Ons systeem wil veiligheid, en veiligheid zit vaak in herhaling. In het bekende. Zelfs als dat bekende bestaat uit gemis, leegte of een leven dat niet meer klopt. Vooral mensen die veel hebben meegemaakt herkennen dit. Ze hebben geleerd sterk te zijn, door te gaan, te dragen. Maar onder die kracht ligt vaak een lijf dat al zo veel heeft moeten vasthouden.

En dan is er muziek.

Muziek komt niet met oplossingen. Ze vraagt niets van je. Ze oordeelt niet. Ze zegt niet dat je verder moet of sterker moet zijn. Muziek komt naast je zitten. Soms zacht, soms rauw. Soms als een hand op je rug, soms als iets wat je overeind trekt wanneer je zelf niet meer weet hoe.

Er zijn momenten waarop woorden simpelweg niet meer passen. Waar praten te veel is. Waar denken alleen maar cirkels maakt. Muziek gaat langs een andere ingang. Ze raakt het deel in je dat ouder is dan taal. Het deel dat voelt voordat het begrijpt. Dat is waarom muziek zo diep kan binnenkomen. Niet in je hoofd, maar in je borst. In je buik. In je zenuwstelsel.

En daarom hebben we lijfliederen.

Liederen die niet zomaar mooi zijn, maar noodzakelijk. Liederen die je kiest omdat ze iets zeggen wat jij niet kon zeggen toen het gebeurde. Omdat ze je vasthielden in een periode waarin je zelf uit elkaar viel. Omdat ze je hielpen ademen toen alles in je verkrampt was.

Vaak kiezen mensen hun lijfliederen niet bewust. Ze kiezen jou. Ze horen bij een moment waarop je systeem iets moest reguleren wat te groot was om alleen te dragen. Een verlies. Een breuk. Een periode van eenzaamheid, van vechten, van overleven. Je lijf herinnert zich dat. Daarom kan één akkoord genoeg zijn om je ogen te vullen met tranen. Of om je schouders iets te laten zakken. Of om je, heel even, weer hier te brengen.

Laatst zat ik tegenover iemand tijdens een gesprek dat nergens naartoe hoefde, en daardoor precies daar kwam waar het moest zijn. We spraken over muziek. Niet over smaak, niet over voorkeur, maar over wat muziek doet wanneer het leven zelf even te veel is. Hij zei iets wat bleef hangen: dat het genre er eigenlijk niet toe doet. Dat het zelden gaat om rock, klassiek of pop, maar bijna altijd om het moment. Om wat je lijf nodig had toen dat lied je vond.

Ik vroeg hem wat zijn lijflied was. Hij lachte even, niet omdat de vraag licht was, maar juist omdat ze zwaar was. Hij zei dat het een pittige vraag was. Dat er niet één antwoord was. Dat er meerdere liederen waren, verspreid over verschillende fases van zijn leven. Alsof elk lied een eigen hoofdstuk bewaakte.

Toen draaide hij de vraag om en vroeg hij mij naar mijn lijflied. Zonder na te denken zei ik: De Verzoening van Frank Boeijen. Hij keek me aan en stelde een vraag die niemand me ooit eerder had gesteld. Niet: waarom dat lied, maar: waarom juist die melancholie?

Die vraag bleef bij me. Niet luid, maar wel zacht aanwezig. Want inderdaad: er was nog nooit iemand geweest die verder keek dan de titel. Niemand die vroeg waarom dat specifieke gevoel zo belangrijk voor me was. Waarom juist die weemoed, die zachtheid, dat langzaam gedragen verdriet zo’n thuis voor me is geworden in muziek.

En misschien is dat precies waar het over gaat bij lijfliederen. Niet over het lied zelf, maar over wat het weerspiegelt. Over wat het herkent in jou. Melancholie is geen toeval. Het is vaak een teken van diepte. Van iemand die heeft geleerd om te blijven voelen, ook wanneer het pijn deed. Van iemand die hoogtes kent, maar ook weet hoe laag laag kan zijn. Muziek wordt dan geen ontsnapping, maar een erkenning. Een plek waar alles wat je hebt meegemaakt even mag bestaan, zonder uitleg.

Sinds dat gesprek kijk ik anders naar de muziek die mensen kiezen. Niet als smaak, maar als verhaal. Elk nummer vertelt iets. Over wat je hebt gedragen. Over wat je hebt moeten loslaten. Over waar je kracht vandaan kwam toen je dacht dat die er niet meer was.

En daarom wil ik jou nu hetzelfde vragen. Niet vluchtig, niet oppervlakkig, maar echt. Welk nummer draag jij in je lijf? Wanneer vond het je? En wat zegt het over wie jij bent geworden door alles wat je hebt meegemaakt, de breuken, de overwinningen, de momenten waarop je bleef staan terwijl je eigenlijk wilde gaan liggen?

Misschien is luisteren naar je eigen lijflied wel een van de eerlijkste manieren om jezelf te ontmoeten. Niet zoals je zou willen zijn, maar zoals je werkelijk bent. En misschien is dat precies waar heling begint.

Mensen die veel hebben meegemaakt, hebben vaak meerdere lijfliederen. Omdat hun leven meerdere lagen heeft. Meerdere verhalen. Muziek wordt dan geen achtergrond, maar een reddingslijn. Iets wat je overeind houdt wanneer je dreigt te verdwijnen in alles wat is gebeurd.

En misschien is dat ook waarom verandering zo spannend voelt. Want als je zo lang hebt overleefd, voelt bewegen niet als leven, maar als risico. Toch hoeft verandering geen grote sprong te zijn. Soms is het niets meer dan erkennen wat jou al draagt. Wat jou al helpt ademen. Wat jou al in beweging brengt, al is het van binnen.

Misschien is dat een lied dat je elke ochtend even laat klinken. Niet om jezelf op te peppen, maar om jezelf te ontmoeten. Misschien is het een kleine wandeling met oortjes in, zodat je lijf kan bewegen zonder dat je hoofd alles hoeft te begrijpen. Misschien is het simpelweg toestaan dat je mag voelen wat er speelt, zonder het meteen te hoeven oplossen.

De wereld die je verlangt, rustiger, zachter, meer van jou, begint niet met weten. Ze begint met luisteren. Naar je lijf. Naar wat je raakt. Naar wat jou draagt als je zelf even niet kunt dragen.

En als je nu op dat kruispunt staat, vast, moe, bang om verkeerd te kiezen, weet dan dit: je hoeft niet meteen te weten waar je uitkomt. Je hoeft alleen te voelen wat jou vandaag een fractie meer ruimte geeft. Soms is dat een keuze. Soms is dat stilte. En soms is dat één lied, dat je herinnert: ik ben hier nog. En dat is genoeg om verder te kunnen.

Liefs,
💜

Liever luisteren dan lezen? Dat kan!

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.